Verandering

Zucht
Er is toch wel heel wat veranderd door mijn verlamming. Zucht - of niet? Nou, ik moet je eerlijk gezegd vertellen dat ik weinig geloof hecht aan dat zware zuchten. Zo van 'vroeger was het beter' of 'was ik maar...' of was ik maar niet..'. Ik vloek dan wel veel, maar dat gaat me nou eenmaal verbaal het beste af, het is nu eenmaal goed oefenen met die korte en creatief samengestelde krachttermen, en tegelijkertijd blaas ik ook nog wat stoom af.

Veranderd
Grofweg zie ik eigenlijk drie grote gebieden die er veranderd zijn sinds mijn herseninfarct: ten eerste zijn er alle lichamelijke beperkingen - ik heb een lamme linkerhand en ik heb ook een linkerbeen dat het niet doet, ik heb geen evenwicht, ik kan amper praten, ik ben rolstoelgebonden, ik heb minstens 's ochtends en 's avonds verzorging nodig, alle privacy is verschwunden qua plassen, poepen, douchen en aankleden, en er is daardoor vrij veel lichamelijk ongemak, mijn lichamelijke - noem het voor het gemak maar even - emotionele reageren is uiterst gevoelig en verstoord (van harte lachen en huilen bij uiterst weinig prikkeling), en ook nog eens zonder dat ik me ook écht zo als zodanig voel (met name bij het huilen voel ik totaal niet dat ik verdrietig ben en dat wordt dan ook nog eens net zo gemakkelijk afgewisseld met een fikse proestbui - kortom, nogal verwarrend voor mijn publiek), etc. Ten tweede werk ik niet meer en ik kan ook eigenlijk niet meer in een baan - bijvoorbeeld in mijn vorige baan - functioneren. Er is eenvoudigweg teveel zorg nodig, of er is vaak vermoeidheid, waardoor ik een uurtje - in een hoog/laag bed - moet liggen, kortom er is gewoon teveel ongemak. En ten derde zijn mijn maatschappelijke bestaan en de focus in mijn leven tengevolge van punt één en twee hierboven, enorm veranderd.

Belangstelling
Punt één is lastig en creëert ook nogal wat lichamelijk ongemak, en mijn lichamelijke beperkingen maken me toch een beetje een tweederangs burger die maar voor spek en bonen meedoet, enz. Ik krijg wel veel voorrang, bijvoorbeeld in het verkeer, terwijl ik eerder overal vooral moest vechten voor mijn plek, maar toch... Punt twee en drie vind ik vooral interessant, in die zin dat een bestaan zonder voortdurende noodzaak van werk, zonder het min of meer constante gevecht om voort te bestaan waarbij het in de eerste plaats draaide om brood op de plank en meisjes, het leven er heel anders uit laat zien. Niet dat ik nu lui geworden ben (in ieder geval niet meer dan voorheen) of verveeld, nee, andere dingen zaken staan nu in het middelpunt van mijn belangstelling: mijn focus is nogal ingrijpend veranderd.

Ratrace
Mijn lichamelijke toestand heeft me toch vooral losgeweekt van de ratrace van werken, eigen huis, geld verdienen en meer geld verdienen, vakantie, enz. En hoewel ik nog niet weet wat de consequenties (zullen) zijn voor mijn moreel in mijn huidige werkloze staat, ben ik op zich wel heel blij met deze verandering. Ik sta veel filosofischer in het leven, vind ik zelf. Ik herken veel meer die strijd om voort te bestaan in de ander, en of en in hoeverre die persoon is murw gebeukt door wat het leven vraagt in termen van geld, relaties met anderen, en werk, of in het andere geval of die persoon relatief zonder veel kleerscheuren uit deze strijd wist te komen. En zich dus navenant goed voelt, makkelijk en graag communiceert, etc. Kortom een heldere, actieve, leuke persoon.

Activiteiten
Ik werk nog een beetje als vrijwilliger (ik vertaal momenteel een boekje) omdat ik toch nog graag iets presteer en wat ik bovendien heel leuk en nuttig vind om te doen, maar verder ligt mijn focus meer op revalideren (momenteel overigens wat minder), op mijn planten op mijn balkon, op lekkere dingen koken. Mijn arbeidsethos heeft de afgelopen jaren zeker te lijden gehad, maar mijn 'ethos' op zich niet, vind ik. Ik kan bijvoorbeeld nog uren stevig achter elkaar werken als ik bezig ben een nieuwe au pair te vinden. Ik geniet ervan met mijn rolstoel door het drukke verkeer in de Haarlemmerstraat te 'racen' (veel, wilde en onvoorspelbare bewegingen en drukte - zoals in het verkeer - vind ik heerlijk; is dit nog een soort fantoompijn van mijn vroegere bestaan?). Kortom, ik probeer zoveel mogelijk van dingen te genieten, zonder veel verplichte activiteiten te hebben. De vraag: 'was het vroeger beter?' Kan ik dan ook niet volmondig met 'ja' beantwoorden. Tuurlijk was het heerlijk gezond rond te rennen, maar ik vind het nu in een beduidend lager tempo meestentijds ook heerlijk.